Slagaderlijke bloeding
Een slagaderlijke bloeding is de ernstigste soort bloeding die er is. Bij een slagaderlijke bloeding komt het bloed met krachtige snelle stoten uit de slagader, deze stoten hebben hetzelfde ritme als de hartslag. Het is van groot belang om snel te handelen om deze bloeding te stoppen. Probeer de bloeding onder controle te krijgen door 10 tot 15 minuten met de duim de slagader tussen wond en hart op de harde onderlaag (bot) dicht te drukken. De slagader kun je alleen op de zogeheten drukpunten dichtduwen. Stop tijdens het dichtdrukken van de slagader niet om even te kijken hoe de wond eruitziet. Hieronder zie je een afbeelding met drukpunten.
drukpunt gebruik bij een slagaderlijke bloeding aan:
1. voor en boven oor de slaap en schedel
2. zijkant van de kaak het gezicht onder de ogen
3. boven het sleutelbeen de schouder of de bovenarm
4. binnenkant van de bovenarm de elleboog
5. elleboogsholte de onderarm
6. binnenkant van de pols de hand
7. halverwege het kruis en de bovenkant van de dij de dij
8. knieholte het onderbeen
9. voorkant van de enkel de voet

Als u de bovengenoemde methode niet kunt toepassen omdat de wond te groot is, of als een arm of been gedeeltelijk of geheel is doorgesneden of omdat de wond na 15 minuten niet gestelpt is, moet u de slagader afbinden om het bloeden te stoppen. Dit afbinden gaat met een tourniquet. Doe dit alleen als er geen professionele hulp aanwezig is en gebruik deze alleen in een levensbedreigende situatie. Als deze techniek verkeerd wordt toegepast bestaat het gevaar dat er zenuwen die vlak langs de slagader lopen blijvend beschadigd raken, met het gevolg dat men een arm of been niet meer kan gebruiken. Een tourniquet mag alleen om een arm of een been worden aangelegd dus nooit bij het hoofd, de hals of de romp.

    
  Het aanleggen van een tourniquet
Neem een stuk stof of een ander stevig flexibel materiaal van tenminste 5 centimeter breed en lang genoeg om het 3 maal om het af te binden arm of been te wikkelen. Dit wordt het knelverband.

 Plaats het knelverband door het 3 maal boven de wond om de arm of het been te wikkelen en leg er een halve steek in. Leg een tak of iets anders op de halve knoop en leg bovenop het stokje een platte knoop in het knelverband. Draai de stok aan tot het bloeden stopt, bind de stok zodat de knelverband op zijn plek blijft zitten.

Bedek het knelverband nooit.

Noteer het tijdstip waarop het knelverband is aangelegd op de voorhoofd van het slachtoffer, zodat men altijd weet hoelang het knelverband heeft gezeten. Doe dit door een T op het voorhoofd te schrijven met de tijd erachter van wanneer het knelverband is aangelegd.

Maak van tijd tot tijd het knelverband even los alvorens het weer vast te maken om bloed naar het weefsel te laten stromen.

Wacht op professionele hulp en blijf bij het slachtoffer en let hierbij op dat hij niet in shock raakt of een hartstilstand krijgt.