Voedsel uit de zee en langs de kust
In de meeste zeeën en oceanen kun u genoeg voedsel vinden om ervan te leven. Vandaar dat van oudsher veel dorpen langs de kust gebouwd zijn. Langs de kust kunt u vaak in ondiep water zeewier, mossels en andere schelpdieren gemakkelijk verzamelen. Maar let altijd goed op er komen ook vaak haaien en andere gevaarlijke dieren naar deze plekken die u gemakkelijk kunnen verwonden of doden.
De Mossel

Is een weekdier dat in een langwerpige dunne maar stevige schelp leeft. Mossels komen vaak in de getijdenzone van de kust voor. De buitenkant van de schelp is vaak paarsblauw van kleur. hoewel geelbruin en groene schelpen ook voorkomen. De mossel hecht zich vast met byssusdraden aan stenen, klei bodems of aan elkaar.

Mossels bevatten eiwitten, mineralen en vitamines. Honderd gram mosselen levert zo'n 70 kcal op. Omdat mossels de bodem filteren kunnen zich in de mossel gifstoffen ophopen, dit kan weer een schadelijk effect op de mens hebben.

Het beste kun je mossels van stenen en palen lossnijden. Losse mossels op de grond zijn vaak vervuild door giftig slib. Verzamel alleen mossels waarvan de schelp nog dicht is, of die sluiten na een tik op de schelp. Mosselschelpen die beschadigd zijn of open blijven na een tik zijn bedorven en moet je weggooien. Kook de mossels, als ze open gaan staan zijn ze gaar. Mossels die na het koken dicht blijven zijn bedorven en niet eetbaar.

Hierlangs zie je één helft van een mosselschelp
Zeesla

Is een zeewier en komt in alle zeeën voor, in de overgangstrook tussen kust en diepwater voor. Zeesla groeit bij voorkeur op stenen. Zeesla kan groeien tot een diepte van wel 15 meter, maar ze heeft wel veel zonlicht nodig.

Zeesla lijkt qua uiterlijk veel op tuinsla. Verder bevat zeesla veel magnesium, calcium, vitamine A, vitamine B12 en vitamine C.

Je kunt zeesla rauw of gekookt eten

Krabben

Er zijn meer dan 6793 soorten krabben, krabben leven in of in de nabijheid van water. Veel krabbensoorten komen in de kuststreken voor, maar er zijn ook landkrabben, boskrabben en mangrovekrabben deze leven in de nabijheid van zoet water.

Krabben hebben 4 paar poten en 1 paar scharen, ze hebben samengestelde ogen die op steeltjes staan deze kunnen worden ingeklapt in gleuven in hun kop. Verder hebben krabben een stevig rugpantser en een gesegmenteerd buikpantser. Langs de ogen heeft hij een paar kleine voelsprieten waarmee de krab de omgeving kan aftasten.

Veel krabben bevatten schadelijke organismen kook ze daarom tenminste 10 minuten voordat je ze opeet. Eet alleen krabben die u levend heeft gevangen dat weet u zeker dat ze niet bedorven zijn.

Pas op!!! grote krabben hebben sterke scharen die u ernstig kunnen verwonden.